Continue
Happy products for happy people!

2020. Waar mijn tapijt ligt, ben ik thuis

Reisverslag, dinsdag

Het is nu 05.58 uur. Zo exact hou ik dat meestal niet bij, maar ik zag dat net op mijn telefoon. Ik heb hier geen bereik en al helemaal geen wifi, maar de klok doet het. Ik zit op mijn bed. Van Sultan heb ik 6 dekens gekregen. Ik heb ze allemaal nodig gehad. Want de nachten zijn mooi, maar steenkoud. De dekens zijn prachtig: met ingeweven bloemen van geitenwol en strepen die aan bandensporen doen denken. Voor mij op het tapijt liggen kussens en kleurige geëmailleerde schalen met peren, dadels en citroenen.

Door het doek dat voor de ingang van onze tent hangt, valt een streep licht die de tent in tweeën deelt. Achter de streep ligt Tessi. Die slaapt nog. Ik beweeg voorzichtig om haar niet wakker te maken. Want als er iemand is die moet slapen, is zij het wel. Ik trek het tentdoek een beetje omhoog en voel het zand tussen mijn tenen als ik buiten sta. Dat kan ook niet anders: we zijn in de woestijn. We slapen er nu al 2 nachten. Niet dat dat het plan was. Maar soms lopen de dingen anders dan je plant. Of ze lopen niet. Dat was het in ons geval.

We zijn voor werk in Marokko. En tussen alle bedrijven door hadden we een middag vrij bedacht. Daarom reden we eergisteren na de lunch de stad uit. Omdat Tessi geen rijbewijs heeft, zat ik achter het stuur. We gingen het land in. Het zoemende geluid van de drukke weg verstomde al snel en binnen een uur reden we op een onverharde weg. De lucht trilde van de warmte. Het landschap werd steeds leger. De natuur veranderde. Er bloeiden witte, blauwe en zachtrode bloemen met lange stelen. We kwamen blozende vogels tegen met grijsgroene vleugels. We telden kraanvogels. En in de verte liep een giraf. Al denk ik nu dat dat een fata morgana was.

‘Zijn dat apen?’ vroeg Tessi. En wees naar een grote arganboom, midden in de koperkleurige vlakte. Het leek of hij zijn armen spreidde om ons welkom te heten. De kruin was breed en op elke tak stond een geit. Waardoor die trotse argan iets weg had van een mislukte kerstboom. Ik parkeerde meteen. Dat wilden we van dichtbij zien. Bij de boom stonden een man en een vrouw. Ze riepen van alles naar de geiten, in de hoop dat die naar beneden zouden komen. We stelden ons voor. Hij heette Sultan, zij Jasmin. We maakten foto's van de geitenboom. En van de ooievaar die pal naast Tessi landde. We kletsten nog wat en liepen terug naar de auto. Maar toen ik de sleutel in het contact draaide, stotterde de motor. Ik gaf gas, startte opnieuw, gaf nog meer gas, maar er kwam geen beweging in.

Sultan en Jasmin kwamen al naar ons toe. ‘Het is de accu’, zei Jasmin. ‘Dat is de zwakke plek van veel huurauto’s hier. En het duurt wel even voordat je die vervangen hebt. Mijn broer is monteur, hij is overmorgen terug uit de stad. Jullie kunnen zolang bij ons logeren. Want zij - en Jasmin wees op Tessi - moet nu geen risico's meer nemen.’

Tessi's gezicht veranderde in een vraagteken.

Jasmin lachte. ‘Weet je het nog niet?’ vroeg ze aan Tessi. ‘De ooievaar! Dat is een voorteken, jij krijgt over 7 maanden een zoon!’

En nu zitten we dus in een tentenkamp, achter metershoge gouden duinen, middenin een zee van zand. Er is niet veel te doen. Tessi en ik hebben eindeloos gespeculeerd over haar zwangerschap. Wordt het echt een jongen? En verder genieten we van de stilte. Van de sterren 's nachts. Van het maanlicht. Van de warme muntthee met citroen. En van de wikkeldoeken en de dekens die je hier 's nachts heel hard nodig hebt.

‘Wat een andere wereld’, zei ik gisterenavond tegen Sultan en Jasmin. ‘Wat lijkt thuis ver weg’. En toen gaf Jasmin een antwoord dat ik zo mooi vind dat ik het wil delen. ‘Thuis is waar je je tapijt neerlegt, Pip.’

En dat is natuurlijk waar. Zometeen komt haar broer uit de stad. Met een nieuwe accu. Als alles meezit, vliegen we vanavond naar huis. Met onze inkopen. Met Tessi’s grote nieuws. Met nieuwe herinneringen, nieuwe wijsheden én nieuwe ideeën. Want de woestijn is heel rijk. Het klinkt leeg. En kaal. Maar in mijn nieuwe collectie laat ik je zien dat dat niet klopt.

Het is zoals Jasmin zei: waar je tapijt ligt, ben je thuis. Kijk maar.

 

Liefs van Pip